Traumasensitief lesgeven

De traumasensitieve school (Horeweg, 2018).

De traumasensitieve school is verplichte literatuur bij de M EN opleiding, route gedragsspecialist van Windesheim en wordt aanbevolen door de onderzoeksgroep Trauma van de RUG.

Neem ook een kijkje op de pagina Executieve functies. (Veel kinderen met vroegkinderlijk trauma hebben problemen op dit gebied) of lees mijn artikelen over trauma en traumasensitief lesgeven.

Kindermishandeling en andere ace’s bespreekbaar maken? (tekst verder na afbeelding)

Dit is een verschrikkelijk boek met een gouden boodschap.’ Tweede druk! Maak ACE’s en kindermishandeling bespreekbaar in je klas. Dat kan met dit non-fictie kinderboek, geschreven vanuit mijn studie over trauma en 35 jaar ervaring als ‘meester Anton.’ Aanbevolen door Iva Bicanic (Hoofd landelijk traumacentrum en landelijk coördinator Centrum Seksueel Geweld) en Kim van Laar (Team Kim). Durf jij kindermishandeling bespreekbaar te maken in de klas? Bij dit boek hoort een korte handreiking  ter voorbereiding, samen met een uitgebreide lesvoorbereiding per hoofdstuk. 

Een verschrikkelijk boek met een gouden boodschap (Horeweg, 2020).

 

Uit veel onderzoeken blijkt, dat er veel kinderen rondlopen die een ‘ACE’ (Adverse Childhood Experience oftewel een ingrijpende gebeurtenis in hun jeugd, hebben meegemaakt (Felitti, e.a., 1998). Bij iets minder dan de helft van de kinderen en jongeren ontwikkelt zich een psychotrauma. Dankzij de neuropsychologie en de neurobiologie weten we dat chronisch trauma een enorme impact kan hebben op de ontwikkeling van kinderen. Wetenschappers als Bruce Perry, Bessel van der Kolk, Stephen Porges, Peter Levine en Dan Siegel schrijven al een decennium over de gevolgen van vroegkinderlijk chronisch trauma op de ontwikkeling. In de VS en Australië zijn overheidsorganisaties en universiteiten die deze bevindingen onder de aandacht brengen: Australian Child & Adolescent Trauma, Loss & Grief Network en  The National Child Traumatic Stress Network zijn maar enkele voorbeelden. In Nederland was Leony Coppens een voorloper op dit gebied.

In de VS, Australië en Canada bestaat al jaren een beweging die ijvert voor trauma-sensitive schools, in het Nederlands traumasensitieve scholen genoemd. Traumasensitief lesgeven is daar al meer ingeburgerd. Bekende onderwijsauteurs als Heather Forbes, Jim Sporleder, Michael McKnight en Lori Desautels ijveren voor trauma-informed education. In verschillende Staten van de VS steunt de overheid deze manier van scholen en onderwijs inrichten.  In Nederland is deze ontwikkeling inmiddels ook ingezet. We weten dat ook in Nederland en Vlaanderen trauma meer voorkomt dan we dachten. In november 2016 is er een onderzoek gepubliceerd door TNO, in opdracht van de Augeo Foundation, waarin voor het eerst kinderen zijn bevraagd.

Adverse Childhood Experience

Het onderzoek: ‘Ik heb al veel meegemaakt. Ingrijpende ervaringen van leerlingen uit groep 7 en 8.‘ is gehouden onder 680 kinderen. Er bleek dat bijna de helft één of meer zogenaamde ACE’s (Adverse Childhood Experiences) had meegemaakt. Je kunt zeggen dat het beeld iets vertekent doordat ook (v)echtscheiding hieronder valt, maar zelfs daarop gecorrigeerd heeft altijd nog ruim 32% ACE’s meegemaakt. Nu leidt niet elke ACE tot een getraumatiseerd kind, maar we weten inmiddels dat er ook veel meer getraumatiseerde kinderen rondlopen dan we vroeger ooit dachten. Bovendien, een ingrijpende gebeurtenis (ace), kan er ook voor zorgen dat je hoofd niet naar leren staat. Een youtube filmpje over ACE’s vind je hier

Uit bovengenoemd onderzoek bleek ook, dat leraren op de vraag hoeveel van de kinderen in hun klas(sen) te maken hebben met dergelijke gebeurtenissen, bijna altijd een te laag aantal noemen.

Ingrijpende gebeurtenis: wat is dat precies?

Wat valt onder de ingrijpende gebeurtenissen in je jeugd; de zogenaamde ACE’s:

  • Kindermishandeling- en verwaarlozing
  • Seksueel misbruik
  • Ernstig zieke of overleden ouders
  • Geweld tussen ouders (of ex-partners, denk aan vechtscheiding)
  • Alcohol misbruik van ouders
  • Drugsgebruik van ouders
  • Psychiatrische aandoening bij ouders
  • Depressie of zelfmoord(poging) huisgenoot
  • Ouder(s) in de gevangenis
  • Bedreiging met een mes of vuurwapen
  • Vluchteling uit oorlogsgebied of arbeidsmigrant
  • Armoede 

Ingrijpende gebeurtenis en trauma

Een traumatische gebeurtenis is een gebeurtenis waarbij je leven bedreigd wordt of je lichamelijke integriteit in gevaar is en waarbij je volkomen machteloos bent. Als die gebeurtenis voor jou overweldigend is, ontwikkelt zich een psychotrauma.  Als je meer van dergelijke gebeurtenissen meemaakt, of als die gebeurtenissen lang aanhouden (denk aan kindermishandeling) loop je een nog grotere kans getraumatiseerd te raken. 

Grotere kans op trauma

De kans dat een kind getraumatiseerd raakt kan door een aantal factoren vergroot worden (Coppens, 2015, 2021; Horeweg, 2018):

  • Hoe jonger het kind dat de gebeurtenis meemaakt, hoe groter de kans dat het getraumatiseerd raakt.
  • Als de gebeurtenis zich herhaalt of als het kind blootstaat aan nieuwe traumatische gebeurtenissen, is de kans op trauma ook groter.
  • De betekenis die de gebeurtenis voor het kind heeft, speelt ook mee. Hoe groter de betekenis, hoe meer kans op trauma.
  • Als het geweld binnen een relatie plaatsvindt (bijvoorbeeld het gezin) is de kans op trauma ook groter.
  • Als het ‘verraad’ door een hechtingsfiguur plaatsvindt (vader, moeder, verzorger) neemt de kans op trauma ook toe. Voor kindermishandeling gelden de laatste twee punten beide, dus het effect neemt toe.
  • De persoonlijkheid van het kind.

Soorten trauma

  • Als een ingrijpende gebeurtenis eenmalig voorkomt en korte tijd duurt, kan een enkelvoudig trauma ontstaan.
  • Wanneer er meerdere traumatische gebeurtenissen plaatsvinden in je leven, kan chronisch trauma ontstaan.
  • Indien de traumatisering in de vroege kinderjaren plaatsvindt, spreken deskundigen van een vroegkinderlijk chronisch trauma of een complex trauma. Het  trauma is wordt complex genoemd, omdat de invloed op de ontwikkeling van de hersenen heel groot is (zie verderop).

Kindermishandeling wat valt daar precies onder?

Bij kindermishandeling wordt vaak gedacht aan kinderen die geslagen worden, maar onder deze noemer valt veel meer:

  • Lichamelijke mishandeling
  • Lichamelijke verwaarlozing
  • Emotionele of psychische mishandeling
  • Emotionele verwaarlozing
  • Seksueel misbruik
  • Getuige zijn van huiselijk geweld.
  • Vechtscheiding
Voorkomen kindermishandeling. Bron NJI in De traumasensitieve school

Bron www.NJI.nl (2020).

Ongeveer 119.000 kinderen per jaar maken bovenstaande zaken mee (Bron: NJI). De meest voorkomende vorm is emotionele verwaarlozing. Volgens wetenschappers is de invloed daarvan zelfs nog groter dan fysieke mishandeling. Ook hier geldt weer dat niet elk kind getraumatiseerd raakt, maar wel dat dit soort gebeurtenissen invloed hebben op het gedrag dat deze kinderen in je klas laten zien. Het is belangrijk signalen van mogelijke mishandeling of seksueel misbruik te onderkennen.

De speciaal ontwikkelde signalenkaart (per leeftijdscategorie) kan je daarbij helpen. Als je kindermishandeling meent te herkennen, doorloop je het best de stappen van de Meldcode kindermishandeling. Met ingang van schooljaar 2018-2019 is er ook een zogenaamd ‘afwegingskader’ beschikbaar. Vanaf januari 2019 is het verplicht dit afwegingskader te gebruiken. Het Afwegingskader voor het onderwijs kun je hier downloaden. Eind 2020 verscheen het Handelingskader voor het onderwijs. Met dit Handelingskader kindermishandeling en huiselijk geweld voor het onderwijs beogen AVS, PO-Raad en VO-raad de randvoorwaarden voor de signalering en aanpak van kindermishandeling in het onderwijs te verhelderen.

Leestip:

Invloed op de ontwikkeling: wat zie je op school

Kort gezegd kunnen kinderen problemen ontwikkelen op het gebied van zelfregulatie (emotieregulatie, impulsbeheersing), aandacht, aangaan en onderhouden van relaties, overtuigingen over henzelf, anderen en de wereld om hen heen. Op school kan het gedrag van deze kinderen leiden tot het idee dat men te maken heeft met kinderen die ADHD of ODD hebben. Deze kinderen vertonen nogal eens hyperactief gedrag, hebben vaker ruzie met klasgenoten of de leerkracht, durven geen (vriendschaps)relaties aan te gaan, zijn sneller boos dan andere kinderen, hebben hun aandacht niet bij de les, onthouden de lesstof niet en lijken weinig gemotiveerd om te leren (Horeweg, 2018, 2020). Uiteraard zijn er ook kinderen die zich terugtrekken in zichzelf. Zij vallen niet op en worden meestal over het hoofd gezien, maar lijden aan evenveel stress als de  kinderen met druk en opstandig gedrag (Horeweg, 2018).

Invloed op de ontwikkeling van het brein

Een kind dat een vroegkinderlijk trauma oploopt, zal daardoor een andere ontwikkeling van het brein hebben dan andere kinderen (Perry, 1996, 1999, 2002, 2006; van der Kolk, 2016, 2021). Een van de dingen die in de knel komen is de ontwikkeling van de zelfregulatie. Zelfregulatie (het vermogen om je emoties en impulsen onder controle te houden) leer je van je opvoeders. Als een klein kind verdrietig is, wordt het getroost door de opvoeder. Die kalmeert en laat zien dat ook ‘erge dingen’ voorbij gaan. Ook woede wordt op die manier getemperd. Doordat de opvoeder het kind helpt zichzelf te reguleren, worden er in het brein neuronenpaden aangemaakt. Uiteindelijk leert het kind zichzelf reguleren. Als een kind niet opgroeit in een veilige situatie, leert het dit dus niet en zijn er uiteindelijk letterlijk nog geen verbindingen in de hersenen aangemaakt die kunnen zorgen voor zelfregulatie. Het kind kan het dus letterlijk niet zelf, omdat de fysieke mogelijkheid ervoor niet aanwezig is. Voorgaande heeft ook invloed op de leerprestaties (Perry, 2016).

Het is geen ‘wil niet’, maar ‘kan niet.’

Op school denken we dan vaak dat een kind dat zo ontregeld raakt gedurende een schooldag, zich niet wil gedragen. Uitspraken als: ‘Hij wil het maar niet leren’ of ‘Hij maakt van kleine dingen een enorm drama.’ kunnen dan het gevolg zijn, terwijl het kind letterlijk het vermogen tot zelfregulatie mist. Video Harvard University  Gelukkig is die zelfregulatie alsnog aan te leren. Dat kost echter veel tijd en veel herhaling. Wat er voor nodig is om dit te leren is een kalme volwassene en een veilige (klasse- of school) omgeving. De rol van de leerkracht is hier dus enorm belangrijk!

Behalve het zichzelf niet kunnen reguleren, heeft het kind ook een slechter werkend werkgeheugen en heeft het moeite om de aandacht bij het werk te houden.

Een klein stukje over de rol van een traumasensitieve leerkracht vind je als je op de videostill uit de onlinecursus Traumasensitief lesgeven van Augeo Foundation klikt. Het laden kan een ogenblik duren.

Horeweg, A. De traumasensitieve school

Overactief stress systeem: wat zie je in de klas

Als je een leven met gewone (verdraagzame) stress leidt en er is niet iets aan de hand, is je brein in optimale arousal. Je functioneert dan binnen je Window of Tolerance (Siegel, 1999). In het Nederlands ook wel je raampje genoemd. Ook bij een beetje stress blijf je wel binnen dit raampje. Als de stress teveel wordt, is je brein in hyperarousal of in hypoarousal. Wanneer de stress zakt, kom je vrij snel weer binnen de Window of Tolerance. Indien er vaak teveel stress is, kom je steeds sneller in een staat van hyperarousal. Bij die laatste staat kom je in fight, flight of (active) freeze. Als er te vaak stress is, duurt het ook langer voor je weer in je raampje komt. Als de stress bijna onverdraaglijk wordt kun je ook in hypoarousal komen: een soort shutdown.

Horeweg, A. (2018).De traumasensitieve school: Window of Tolerance

Kinderen die voortdurend in een onveilige situatie leven, hebben een stress-systeem dat hyperalert is. Het reageert sneller dan bij kinderen die in een veilige situatie opgroeien. Dat zit als volg in elkaar. Ons brein bestaat uit drie delen:

  • De hersenstam: dit deel regelt ademhaling, hartslag, enz. Dit deel van het brein zorgt ook voor de fight-, flight- en freeze reactie waarin je komt bij gevaar. Dit deel van het brein is snel.
  • Het limbisch systeem, met als kern de amygdala. De amygdala koppelt emoties aan ervaringen en scant de omgeving op gevaar. De amygdala reageert zeer snel en generaliseert gevaarlijke situaties. Hierdoor reageer je ook geschrokken als iets lijkt op wat als gevaarlijk is gelabeld door je brein.
  • De neocortex. Hiermee kun je leren, verstandig redeneren en logisch denken. De neocortex is een stuk trager dan de andere twee delen van het brein. Bovendien worden de functies van de cortex gedeeltelijk uitgeschakeld als je in fight, flight of freeze modus bent. Je kunt op zo’n moment letterlijk gesproken taal minder goed begrijpen.
Horeweg, A. (2018).De traumasensitieve school

Wat zie je hiervan in de klas:

Wat heeft dit alles te maken met het gedrag van getraumatiseerde kinderen in je klas? Als een kind veel stress ervaart door de onveilige situatie thuis, is het brein van dat kind extra alert. De amygdala neemt het zekere voor het onzekere en slaat ook alarm bij vermeend gevaar: Voor de zekerheid. Bovendien worden gebeurtenissen en situaties eerder als gevaarlijk beoordeeld. Als een kind weet dat stemverheffing van een verzorger betekent dat het klappen krijgt of uitgescholden wordt, zal het brein op dezelfde manier reageren als jij je stem verheft, ook al is er op dat moment geen gevaar. Het brein van het kind zorgt dan snel voor een fight-, flight-, of freeze reactie om het gevaar voor te zijn. Wat je dan kunt zien in de klas is het volgende:

  • Fight reactie: het kind wordt boos, schreeuwt, slaat, schopt, maakt dingen kapot of gooit met spullen.
  • Flight reactie: het kind rent de klas uit, kruipt onder de tafel, wil van je weglopen als je het aanspreekt of wil je niet aankijken.
  • Active freeze: Het kind laat gelaten alles over zich heen komen. Het brein zoekt echter een uitweg.
  • Passive freeze: Het kind laat gelaten alles over zich heen komen. Shutdown. Het brein is nu naar binnen gericht.

En eigenlijk is er nog een reactie: Pleasing/submission. Een vorm van passive freeze, waarbij het slechtoffer alles ondergaat of zijn best doet het de dader naar de zin te maken.

Een zeer belangrijk gegeven bij elk van deze toestanden is, dat het kind niet reageert vanuit de neocortex (rede, logisch denken), maar reageert vanuit het limbisch systeem en de hersenstam (gericht op overleving). Het kind kan dingen zeggen en doen, die het in een stressvrije situatie nooit zou doen! De amygdala reageert bovendien sterker op lichaamshouding en gezichtsuitdrukking dan op gesproken taal. Jouw boze gezicht / boze houding is op dat moment weer een trigger om in de ‘overlevingsstand’ te blijven.

Leestips:

Toxische stress:

Als een kind voortdurend blootgesteld wordt aan hevige stress, zoals bijvoorbeeld het geval is bij kindermishandeling, ontstaat toxische stress. Een toestand van permanente stress, die zeer schadelijk is voor het brein en de ontwikkeling ervan. Video Harvard University

Wat kun je doen in de klas:

Heel algemeen en weinig concreet gezegd, kun je als leerkracht het gedrag dat deze kinderen vertonen, op een andere manier proberen te bekijken. Traumasensitief lesgeven dus. De gedragingen zijn divers, maar in een klas vaak wel problematisch: plotselinge uitbarstingen, hyperactief gedrag, erg angstig gedrag, controle zoekend gedrag, teruggetrokken gedrag, enz. Hierna een beknopte uiteenzetting die je daarbij kan helpen.

De onzichtbare koffer

De term onzichtbare koffer is geïntroduceerd door Coppens, Schneijderberg en Kregten (2015,2021). Het is een metafoor voor de overtuigingen die een kind meedraagt door alles wat het heeft meegemaakt. Ook leerkrachten hebben zo’n onzichtbare koffer bij zich. Het kind kan door de meegemaakte traumatische gebeurtenissen als overtuigingen meedragen dat het er niet toe doet, niets waard is of dat volwassenen onbetrouwbaar zijn. Voordat het kind jouw klas binnenstapt, zijn die overtuigingen al aanwezig. De taak van leerkrachten en docenten is om die koffer opnieuw te vullen met betere overtuigingen. Hierover kun je wat horen in het filmpje eerder op deze pagina.

Cognitieve driehoek

Kinderen die getraumatiseerd zijn, vertonen allerlei gedrag waarvan ze zelf ook niet begrijpen waarom ze het vertonen. Ze worden bang of boos uit het niets, zo lijkt het. De relatie tussen hun gedachten, gevoel en gedrag (de cognitieve driehoek; Coppens, e.a. 2015, 2021) moeten leerkrachten soms proberen uit te leggen. Bij kleuterleerkrachten vaak een vanzelfsprekend iets, maar verderop in de (basis)school niet altijd meer gebruikelijk. Toch kan dit kinderen helpen te begrijpen waarom ze doen zoals ze doen.

Traumabril

Een ander, zeer verhelderend begrip is ‘de traumabril.’ Leerkrachten die kijken met een traumabril, hebben begrip voor het kind en zijn of haar gedrag. Ze snappen waar het gedrag door ontstaan is en veroordelen het kind niet om zijn gedrag. Dat betekent overigens niet dat een leerkracht die kijkt met een traumabril alles goed vindt. Integendeel: grenzen zijn juist nu ook nodig, want die geven veiligheid. Een leerkracht die met deze bril kijkt, zal proberen de kalme en betrouwbare volwassene te zijn die het kind de kans geeft te herstellen, weer te geloven dat het er mag zijn en te ervaren dat andere mensen niet allemaal gevaarlijk zijn (Horeweg, 2018).

Bespreekbaar maken van ACE’s en de invloed op leren en gedrag

Als kinderen een referentiekader geboden wordt wat ‘normaal’ is, helpt hen dat. Zo blijkt uit onderzoek dat kinderen die gehoord hebben wat seksueel geweld is, eerder tot onthulling overgaan (Bicanic, 2020). Ook kan praten over ingrijpende gebeurtenissen in een kinderleven (ACE’s) dit uit de taboesfeer halen. Kinderen leren dat dit soort zaken nooit hun schuld zijn, niet mogen gebeuren en dat zij (helaas) niet de enigen zijn die dit meemaken helpen (Mol, 2017; Horeweg, 2018, 2020, 2021; Van Gemert, 2019).

Horeweg, A. (2020). Dit is een verschrikkelijk boek met een gouden boodschap

Het mag duidelijk zijn dat werken aan een traumasensitieve school veel kan vergen van het team en van individuele leerkrachten. Je kunt dit alleen voor elkaar krijgen als je team echt een team is, waar leerkrachten ook oog en zorg hebben voor elkaar. Traumasensitief lesgeven is niet makkelijk. Het mag ook duidelijk zijn dat de ondersteuning van deze groep kinderen een langdurige ondersteuning moet zijn. Het herstellen van de veerkracht kost veel tijd en veel herhaling.

Zingen

Steeds meer onderzoek laat zien dat samen muziek maken en zingen bijdragen aan een (onbewust) gevoel van veiligheid (van der Kolk, 2021). In dit artikel van het cultureel persbureau wordt dat simpel uitgelegd. ‘Zelf muziek maken en zingen zijn essentieel voor ons gevoel van veiligheid

Coronapandemie ACE’s en trauma:

Uit onderzoek blijkt, dat tijdens de eerste lockdown in veel gezinnen kindermishandeling toenam (Vermeulen, e.a. 2021). De schatting tijdens de eerste lockdown ligt significant hoger dan de schatting over een periode van 3 maanden zonder lockdown gerapporteerd door dezelfde informantengroepen in 2017. Van 15.000 meldingen naar dik 40.000 meldingen. Gelukkig waren er ook gezinnen waar het juist beter ging. Dit onderzoek laat zien dat de lockdown de kwetsbaarheid en kansenongelijkheid van kinderen en gezinnen die al kwetsbaar waren, heeft vergroot. Zij kregen minder steun van andere belangrijke volwassenen.

Ook tijdens de tweede lockdown (december 2020 – maart/april 2021)  zijn de zaken voor sommige kinderen verslechterd (Movisie, 2021) Huiselijk geweld, kindermishandeling en -misbruik namen niet aantal toe, maar wel in ernst, waarschijnlijk door de langdurige stress waaronder gezinnen gebukt gaan. (Bron: Veilig Thuis, 2021).  Het is belangrijk om daar op school rekening mee te houden. Een flink aantal kinderen maakt zich ook veel zorgen door gebeurtenissen tijdens deze pandemie. Denk aan werkloosheid ouders, ziekte gezins- en familieleden, eventuele overlijdens door corona, rellen in de straat, enz. Een groter aantal kinderen en jongeren is somber en voelt zich meer alleen.

  • Praat met kinderen over hoe het ging thuis en hoe het nu gaat.
  • Gebruik hierbij ook expressievakken: niet alle kinderen praten makkelijk over hun gevoel.
  • Veel stress bemoeilijkt leren. Bied leerstof aan in kleinere ‘porties.’
  • Herhaal meer.
  • Blijf hoge verwachtingen houden.
  • Spreek niet over achterstanden. Dat werkt alleen maar demotiverend.
  • Bekijk komende tijd nog kritischer wat je wel en niet aan bod laat komen.
  • Zorg dat er tijd over blijft voor samen plezier maken. Juist nu is dat nodig om veerkracht te versterken.
  • Bekijk mijn filmpje over corona en stress voor het Lerarencollectief. (gemaakt voor schoolopening na de eerste lockdown).
  • Vraag het document met korte theorie en praktische tips voor traumasensitief lesgeven aan dat ik in deze tweede lockdown voor het RVKO maakte. gebruik het contactformulier of mail.
Horeweg, traumasensitief lesgeven, RVKO, traumasensitieve school
 
Top boeken over traumasensitief onderwijs:

Lezing of studiedagdeel De traumasensitieve school

Een interactieve lezing over ACE’s, trauma en de gevolgen ervan voor de ontwikkeling van het brein en het gedrag en leren in de klas. Verzorgd door Anton Horeweg.

Anton Horeweg Traumasensitief lesgeven

Studiedag lesgeven aan getraumatiseerde bij kinderen en jongeren

Begin met kennis over traumasensitief lesgeven. Volg met je team onze studiedag ‘De traumasensitieve school.’ Wij (Anton Horeweg en Ingrid van Essen), geven je in deze dag een goede basis om traumasensitief lesgeven te starten.

Teamtraining traumasensitieve school

Volg de tweedaagse teamtraining Traumasensitief lesgeven, ontwikkeld door Leony Coppens, klinisch psycholoog en trauma-expert. Wij (Anton Horeweg en Ingrid van Essen), gaan met jouw team dieper in op alle facetten van traumasensitief lesgeven.

Anton Horeweg Traumasensitief lesgeven

Anton Horeweg: Gecertificeerd trainer traumasensitief lesgeven.

Traject ‘Naar een traumasensitieve school’

Volg het traject  ‘Naar een traumasensitieve school.’   Wij bekijken met directie en team de weg naar een traumasensitieve school. Van een gedegen kennisbasis over trauma tot handelen in de praktijk. Trainers: Anton Horeweg en  Ingrid van Essen.

 

Meer lezen/ handige websites:

Zoek je onderwijsboeken, gebruik de link.

Met je klas kindermishandeling bespreken? Dit is een verschrikkelijk boek met een gouden boodschap (2e druk, 2021). Huizen: Pica.

Onze Facebook Community Traumasensitief-onderwijs Kom erbij en wissel ervaringen uit met andere leerkrachten en docenten.

Gastles ervaringsdeskundigen? Kijk bij Team-Kim.nl

Gastles van ervaringsdeskundigen? Kijk bij  De Augeo Jongeren taskforce.

Praktisch aan de slag om je klas ook veiliger te maken voor kinderen die getraumatiseerd zijn of hechtingsproblemen hebben? Samentijd.

Beeldverhaal Opvoeden en stress. Voor ouders. In 7 talen te downloaden.

Meldingen in coronacrisis ernstiger van aard. Het Parool, 28-03-2021.

Coppens, L.; Schneijderberg, M. & van Kregten, C. (2021). Lesgeven aan getraumatiseerde kinderen. Amsterdam: SWP.

Feldman Barret, L. (2020). People’s words and actions can actually shape your brain — a neuroscientist explains how. Ideas.Ted.com

Horeweg, A. (2018). De Traumasensitieve school. Anders kijken naar gedragsproblemen in de klas. 4e druk. Tielt: Lannoocampus.

Horeweg, A. (2020). Dit is een verschrikkelijk boek met een gouden boodschap. Huizen: Pica.

Horeweg, A. (2015). Gedragsproblemen in de klas in het basisonderwijs. Houten: Lannoocampus.

 

Movisie: Kindermishandeling. De impact van corona. via movisie.nl, verkregen op 23-04-2021.

van der Kolk (2021). Neuroscience and the Frontiers of Traumatreatment. Online cursus via uitgeverij Mens!

Vermeulen, S., van Berkel, S. & Alink, L. (2021). Rapport Kindermishandeling tijdens de eerste lockdown. Universiteit Leiden.

 www.centrumseksueelgeweld.nl

www.vooreenveiligthuis.nl 

www.augeo.nl

Jongerentaskforce-Augeo

Team- Kim

Wat je als leraar fout kunt doen bij  kinderen in armoede. SIRE-Campagne.

In Gedragsproblemen in de klas in het basisonderwijs, Handboek Gedrag op school en Gedragsproblemen in de klas in het voortgezet onderwijs vind je een uitgebreid hoofdstuk over trauma.  Er is ook een heel boek gewijd aan trauma: De traumasensitieve school. Hierin wordt uitgebreid ingegaan op de gevolgen van trauma: wat zie je terug in je klas?  Voor kinderen vind je deze uitleg in Dit is een verschrikkelijk boek met een gouden boodschap. Boeken bestellen? Klik op de afbeeldingen onder aan de pagina.

Literatuur:

Coppens, L. ; Schneijderberg, M . & Kregten, C. van (2021). Lesgeven aan getraumatiseerde kinderen. Een praktisch handboek voor leerkrachten in het basisonderwijs. Amsterdam: Swp.

Dana, D. (2020). De polyvagaal theorie in therapie. Uitgeverij Mens!

Forbes, H.T. (2013). Help for Billy. A Beyond Consequences Approach to Helping Children in the Classroom. Beyond Consequences Institute.

Horeweg, A. (2021). Hoe maak je een traumasensitieve school tijdens de coronapandemie? Rotterdam: RVKO.

Horeweg, A. (2020). Dit is een verschrikkelijk  boek met een gouden boodschap. Huizen: Pica.

Horeweg, A. (2019). Kinderen met psychotrauma, Zorgprimair, februari 2019, 14-16.

Horeweg, A. (2019). Schoolbrede aandacht voor het getraumatiseerde kind. Beter Begeleiden, september 2018, 40-43.

Horeweg, A. (2018). De toekomst van een getraumatiseerd kind bestaat uit de komende 15 seconden. Blik op hulp, mei 2018.

Horeweg, A. (2020). De traumasensitieve school. Anders kijken naar gedragsproblemen in de klas. 4de oplage Tielt: Lannoocampus.

Van IJzerdoorn, M. & Bakermans-Kranenburg, M. (2010). Gehechtheid en trauma. Deventer: Hogrefe.

Kolk, B. van. (2016). Traumasporen. Het herstel van lichaam, brein en geest na overweldigende ervaringen. Eeserveen: Uitgeverij Mens.

Lindauer, R. (2018). Hulp bij trauma in de kindertijd. Houten: Lannoocampus.

Mol,  P. (2017). Een stille leerling in je klas. De leraar als betekenisvolle andere bij kindermishandeling. Houten: Lannoocampus.

Perry, B. & Szalawitz, M. (2020). De jongen die opgroeide als hond. En andere verhalen uit het dagboek van een kinderpsychiater. Schiedam: Scriptum.

Schippers, M. (2017). Kinderen gevlucht en alleen. Een interculturele visie op de begeleiding van alleenstaande gevluchte kinderen. Utrecht: Nidos.

Siegel, D. (1999). The Developing Mind: Toward a Neurobiology of Interpersonal Experience. New York: Guilford Press, 1999.

Shanker, S. & Barker, T. (2016). Zelfregulatie bij kinderen. Antwerpen: Spectrum.

Struik, A. (2016). Slapende honden? Wakker maken! Een behandelmethode voor chronisch getraumatiseerde kinderen. Amsterdam: Pearson.

Vermeulen, S. , van Berkel, S. & Alink, L. (2021). Kindermishandeling tijdens de eerste lockdown. Leiden: Universiteit van Leiden.

Bestel mijn boeken

Bereik mij
Executieve functies

Aansturende regelfuncties of executieve functies: hoe beïnvloeden ze gedrag en leren? Lees meer.