Traumasensitief onderwijs

Deze pagina is bijgewerkt op 03-12-2025
Traumasensitief onderwijs begint bij de leerkracht. Als je begrijpt hoe trauma invloed heeft op gedrag in de klas, kun je traumasensitief lesgeven. Met kennis over trauma leer je kijken met een ‘traumabril’ en geef je leerlingen de veiligheid die ze nodig hebben om tot leren te komen. Anton Horeweg – leerkracht (MSEN), auteur en medegrondlegger van traumasensitief onderwijs in Nederland en Vlaanderen – biedt praktische inzichten die elke onderwijsprofessional kan gebruiken.

Traumasensitief onderwijs

Traumasensitief onderwijs is een werkwijze waarin leerkrachten en scholen bewust rekening houden met de impact van ingrijpende ervaringen (ACE’s) op het gedrag, het leren en het welbevinden van leerlingen. De traumasensitieve school biedt een voorspelbare, veilige en ondersteunende omgeving waarin kinderen zich gezien, gehoord en begrepen voelen. De leerkracht is daarbij de sleutel: door hun houding, gedrag en interactie dragen zij bij aan relationele veiligheid en stressregulatie. Leerkrachten kijken met een ‘traumabril’ en stellen niet de vraag: “Wat is er mis met dit kind?”, maar: “Wat is dit kind mogelijk overkomen, en wat heeft het nodig om tot leren te komen?” Traumasensitief onderwijs richt zich op het vervullen van de basisbehoeften aan veiligheid, relatie en competentie en inclusie voor alle kinderen.

Leraren zijn geen psycholoog of therapeut

Het doel is niet om trauma te behandelen, maar om een schoolklimaat te creëren waarin álle leerlingen, en zeker leerlingen met trauma, zich veilig en competent voelen en tot leren kunnen komen. Wat traumasensitief onderwijs niet vraagt, is dat leerkrachten psychologen worden, trauma vaststellen of helen.

Trauma en ACE’s (Adverse Childhood Experiences)

Ingrijpende jeugdervaringen (ACE’s)

Veel kinderen maken in hun jeugd één of meerdere ingrijpende gebeurtenissen mee, ook wel ACE’s genoemd: Adverse Childhood Experiences (Felitti et al., 1998, 2010). Zulke ervaringen – zoals mishandeling, verwaarlozing, seksueel misbruik of opgroeien in onveilige situaties – kunnen leiden tot trauma.

In het regulier basisonderwijs heeft maar liefst 45% van de leerlingen in groep 7 en 8 minstens één ACE meegemaakt (Vink et al., 2016). In het speciaal (basis)onderwijs is dat aantal nog veel hoger: onderzoek toont aan dat tot wel 99% van de leerlingen in het (s)bo te maken heeft gehad met meerdere ACE’s (Wassink, Offerman et al., 2021).

De impact van trauma op ontwikkeling en gedrag

Dankzij inzichten uit de neuropsychologie en neurobiologie weten we dat vroegkinderlijk trauma of ontwikkelingstrauma (van der Kolk, 2022) een grote invloed hebben op de ontwikkeling van kinderen. ACE’s kunnen leiden tot uiteenlopende problemen, zoals:

  • regulatieproblemen,

  • gedragsproblemen,

  • leer- en ontwikkelingsproblemen,

  • sociale problemen,

  • gezondheidsrisicogedrag,

  • psychische en lichamelijke klachten (Garrido et al., 2018; Schäfer et al., 2022; Mercera et al., 2024; Swedo, 2024).

Kinderen met trauma of een geschiedenis van ACE’s hebben daardoor vaak minder kans op schoolsucces (Crouch, 2019; Webster, 2022).

Belangrijk: Leraren zijn geen psychologen en geen therapeuten. Ze stellen geen trauma vast en gaan ook geen leerlingen ‘genezen.’ Leraren geven les. Ze kunnen wel kijken door een traumabril.

Pijlers Traumasensitief onderwijs: schoolbrede aanpak, voorspelbaarheid en duidelijkheid, aanleren (emotie)regulatie, en last but not least: relatie. Leerkrachten die traumasensitief werken, zijn een volwassene die het verschil maakt!

Wetenschappelijke inzichten over trauma

Internationaal is veel onderzoek gedaan naar de effecten van trauma op de ontwikkeling van kinderen. Vooraanstaande wetenschappers als Bruce Perry, Bessel van der Kolk, Stephen Porges, Peter Levine, Arianne Struik, Nadine Burke-Harris en Dan Siegel hebben uitgebreid geschreven over de invloed van trauma op het brein, gedrag en leerprocessen.

In landen als de Verenigde Staten en Australië spelen universiteiten en overheidsinstellingen een actieve rol in het verspreiden van deze kennis. Organisaties zoals het Australian Child & Adolescent Trauma, Loss & Grief Network, de National Child Traumatic Stress Network (NCTSN) en de Trauma Research Foundation maken deze wetenschappelijke inzichten toegankelijk voor onderwijs en zorg.


Ontwikkeling van de traumasensitieve school

In de VS, Australië en Canada bestaat het concept van de traumasensitieve school al ruim een decennium. Onderwijsauteurs als Heather Forbes, Jim Sporleder, Michael McKnight, Louise Michelle Bomber, Nadine Burke-Harris en Lori Desautels schreven invloedrijke boeken over trauma-informed education. In diverse Amerikaanse staten wordt dit gedachtegoed actief ondersteund door de overheid, die scholen helpt bij het ontwikkelen van een traumasensitieve aanpak.

Ook in Nederland krijgt dit thema steeds meer aandacht. Leony Coppens (onderzoeker) en Anton Horeweg (leerkracht en auteur van De traumasensitieve school) worden gezien als grondleggers van traumasensitief onderwijs binnen het Nederlandse en Vlaamse onderwijsveld.

Kennis van trauma stelt leraren in staat om ‘probleemgedrag’ beter te begrijpen en erop te reageren. Meer nog: traumasensitief onderwijs is goed voor álle leerlingen, zo blijkt uit recent onderzoek (NRO, 2024).

Wat zijn ACE’s (Adverse Childhood Experiences)?

ACE’s – oftewel ingrijpende jeugdervaringen – zijn gebeurtenissen in de kindertijd die een grote negatieve impact kunnen hebben op de emotionele en lichamelijke ontwikkeling van een kind. Ze vergroten de kans op probleemgedrag, gezondheidsproblemen en leerproblemen. Hieronder zie je voorbeelden van zulke ervaringen:

  • Kindermishandeling of verwaarlozing
  • Seksueel misbruik
  • KMdF (Kindermishandeling door falsificatie), voorheen Münchhausen by Proxy
  • Overlijden van een ouder, gezinslid of andere dierbare
  • Opgroeien met een ouder met een verstandelijke beperking (LVB)
  • Huiselijk geweld of vechtscheiding
  • Kinderen van ouders met psychische problemen / of verslavingsproblemen – zogeheten KOPP/KOV-kinderen
    (Lees meer over KOPP/KOV)
  • Ernstige of chronische ziekte van een ouder
  • Depressie of suïcide(poging) van een gezinslid
  • Ouder(s) in detentie
  • Bedreiging met een mes of vuurwapen
  • Vlucht naar Nederland vanuit een oorlogsgebied
  • Leven als arbeidsmigrant in kwetsbare omstandigheden
  • Gepest worden op school of in de buurt
    (Lees meer over pesten)
  • Opgroeien in armoede
  • Ervaren van racisme of discriminatie

Deze lijst is niet uitputtend, maar geeft een goed beeld van wat als ingrijpende jeugdervaring kan worden beschouwd.

🔶 Praktische training: Traumasensitief Onderwijs

Hoe kun je traumasensitief lesgeven? Wat doe je dan als leerkracht?  In deze trauma training leer je wat trauma doet met het brein, lichaam, emoties en gedrag, en hoe jij daar traumasensitief op kunt reageren in de klas. Met veel aandacht voor relatie, veiligheid en veerkracht versterken. Incompa

📘 Inclusief het boek: Horeweg, A. (2024). De traumasensitieve school. Anders kijken naar gedrag.

👉 Bekijk ook de masterclass of 3-daagse trauma training →

Risicofactoren voor traumatisering bij kinderen

Niet ieder kind dat iets ingrijpends meemaakt, raakt getraumatiseerd. Toch zijn er factoren die het risico op trauma vergroten (Coppens, 2021; Horeweg, 2024):

  • Kinderen op jonge leeftijd lopen meer risico: hoe jonger het kind, hoe kwetsbaarder het brein.

  • Herhaling of opstapeling van traumatische gebeurtenissen vergroot de kans op schade.

  • De betekenis die het kind toekent aan de gebeurtenis speelt een grote rol.

  • Als de traumatische ervaring plaatsvindt binnen een relatie, zoals bij huiselijk geweld, is het effect vaak groter.

  • Zien van geweld tussen mensen is sterk traumatiserend
  • Wanneer de dader een hechtingsfiguur is (ouder, verzorger), kan de hechtingsband beschadigen. Het kind raakt dan onveilig gehecht. Zie ook de pagina hechtingproblemen in de klas: Bij kindermishandeling zijn vaak beide bovenstaande factoren aanwezig.

  • Persoonlijke kenmerken van het kind kunnen van invloed zijn op de verwerking.

  • Het ontbreken van een steunende volwassene maakt herstel veel moeilijker.


Soorten trauma bij kinderen

Trauma kent verschillende vormen. Elk type trauma heeft een ander effect op het brein, de emotieregulatie en het gedrag van kinderen:

Enkelvoudig trauma
Een eenmalige, kortdurende ingrijpende gebeurtenis, zoals een ongeluk of medische ingreep.

Chronisch trauma
Bij chronisch trauma ervaart een kind langdurig veel stress, waardoor deze toxisch wordt. Denk aan verwaarlozing, seksueel misbruik of kindermismishandeling.

Vroegkinderlijk trauma of ontwikkelingstrauma
Als traumatisering plaatsvindt in de eerste levensjaren – van zwangerschap tot ongeveer vijf jaar, spreken we van vroegkinderlijk trauma. De impact is vaak diepgaand Dit heeft invloed op de breinontwikkeling, maar ook op het immuunsysteem, het hormoonsysteem, het leervermogen, de manier van relaties aangaan  en latere mentale én fysieke gezondheid.


Schooltrauma: een vergeten vorm van trauma?

De term schooltrauma werd in 2018 door Anton Horeweg als eerste in Nederland geïntroduceerd. Sommige kinderen raken niet getraumatiseerd door oorlog of mishandeling, maar door het schoolsysteem zelf.

Denk bijvoorbeeld aan leerlingen die langdurig niet worden gezien of begrepen:

Deze kinderen ervaren jarenlang frustratie, stress of buitensluiting. Ze voelen dat ze er niet bij horen en zijn vaak eenzaam. Ze lopen vast en belanden soms volledig buiten het onderwijssysteem. We noemen ze met een ongelukkige term ’thuiszitters’. dit overkomt naar schatting zo’n 70.000 (Rapport Thuiszitters Tellen, Oudervereniging Balans, 2024).

Dit ligt niet aan het kind, en niet automatisch aan de leerkracht. Wel is erkenning belangrijk: schooltrauma bestaat. Samenwerking tussen ouders, school en leerling is cruciaal om dit te voorkomen of op te lossen.
Lees meer over dit onderwerp in:

Verdieping en traumatraining

Wil je als leerkracht, intern begeleider of schoolleider weten hoe je trauma beter ‘herkent’ en ermee omgaat?
👉 Bekijk dan de trainingen over trauma: studiedag trauma, Masterclass trauma of de driedaagse training traumasensitief onderwijs.

Kindermishandeling als ingrijpende jeugdervaring (ACE)

Kindermishandeling is een van de meest traumatiserende ACE’s (Adverse Childhood Experiences). De plek die juist veilig moet zijn, namelijk thuis, is onveilig en onvoorspelbaar. Dit kan een enorme impact hebben op het kind en het gedrag dat het in de klas laat zien.

Vormen van kindermishandeling

Onder kindermishandeling vallen verschillende vormen, waaronder:

  • Lichamelijke mishandeling

  • Lichamelijke verwaarlozing

  • Emotionele of psychische mishandeling

  • Emotionele verwaarlozing

  • Seksueel misbruik

  • Huiselijk geweld

  • Vechtscheiding

Minder bekende vormen van kindermishandeling

Daarnaast bestaan er ook minder vaak genoemde vormen, zoals:

  • KMdF: Kindermishandeling door Falsificatie, vroeger bekend als Münchhausen By Proxy (MBP). Lees hierover ‘Jij gaat dood’ van Nina Blom

  • Coercive control: dwingende controle, psychische mishandeling, bedreiging en vernedering door (een van) de ouders (Katz, 2016; Akkermans, 2023).

  • Sibling-geweld of siblingmisbruik: geweld of seksueel misbruik door een (stief)broer of zus (Platinck, 2023; Bertele, 2023; Maasland, 2024).

Cijfers over kindermishandeling

In Nederland maken jaarlijks ongeveer 119.000 kinderen deze vormen van mishandeling mee (CBS, 2024; NJI, 2025). Emotionele verwaarlozing is de meest voorkomende en tegelijk een van de meest schadelijke vormen. Onderzoek toont aan dat de impact van emotionele mishandeling en verwaarlozing soms zelfs groter is dan die van fysieke mishandeling.

Niet elk kind raakt getraumatiseerd, maar dergelijke ervaringen beïnvloeden vaak wel het gedrag en leren. Door de voortdurende stress worden leren en emotieregulatie moeilijk, soms zelfs onmogelijk.


Kindermishandeling signaleren: belangrijk en verplicht

Als onderwijsprofessional is het cruciaal om kindermishandeling te kunnen herkennen en te melden. Hiervoor zijn er diverse hulpmiddelen:

Daarnaast heeft Augeo een praktisch online hulpmiddel gemaakt: Wijzer met de meldcode. Hier vind je voorbeeldvragen en tips voor lastige gesprekken.


Verdere verdieping en training

Wil je meer leren over het herkennen van kindermishandeling en hoe je hiermee omgaat in de klas? Kijk dan eens naar onze training:
👉 Traumasensitief Onderwijs – 3-daagse cursus met Anton Horeweg & Ingrid van Essen. Trauma bekeken vanuit een systemisch perspectief.

Andere ingrijpende jeugdervaringen (ACE’s)

Armoede

Opgroeien in armoede en de bijbehorende stress hebben een grote invloed op de schoolprestaties en het welzijn van kinderen. Het onderzoek ‘Kansen in de Kindertijd’ (Ravesteijn & van de Kraats, 2022) laat zien dat deze stress zorgt voor een andere ontwikkeling van kinderen. Naast taalachterstand zie je vaker psychische en sociale problemen.

Kinderen die opgroeien in armoede hebben vaak moeite met concentreren en kampen vaker met gedragsproblemen of angsten (Guio, 2023). Op 6-jarige leeftijd heeft maar liefst 18 procent van de armste kinderen een hoge score die wijst op een risico op psychische en sociale problemen (Ratcliff, 2025). Bij rijkere kinderen is dat slechts 5 procent. Dit verschil blijft ook zichtbaar als kinderen 14 jaar oud zijn (van de Kraats, 2021).

Stress beïnvloedt daarnaast ook het IQ: onderzoek toont aan dat stress kan leiden tot een lager IQ (Mani e.a., 2013; Marsman, 2021). Dit verschil kan op 16-jarige leeftijd oplopen tot wel 15 IQ-punten (Volkskrant, 23 juni 2021). Marsmans onderzoek vond een verschil van 5 punten.

Kortom, armoede en andere ACE’s zijn ingrijpende factoren die een grote impact hebben op de ontwikkeling van kinderen.

Wil je weten hoe je kinderen die in armoede opgroeien op school kunt ondersteunen? Lees dan deze handreiking van de Onderwijsraad.

Of kijk voor ideeën in het boek De traumasensitieve school, 4e druk (Horeweg, 2025)..

Discriminatie en racisme als traumatiserende factoren

Discriminatie en racisme blijken sterke traumatiserende factoren voor kinderen en jongeren. Wanneer een kind herhaaldelijk wordt geconfronteerd met uitsluiting of negatieve vooroordelen, kan dit het gevoel versterken van ‘Ik ben niet goed genoeg’ of ‘Ik hoor er niet bij’. Dit ondermijnt het zelfvertrouwen en het gevoel van veiligheid dat essentieel is voor gezonde ontwikkeling (Karimi, 2022; NJI, 2025).

Systemisch en intergenerationeel racisme

Zelfs zonder directe ervaringen met racisme kunnen kinderen psychische klachten ontwikkelen door systemisch racisme, waarbij maatschappelijke structuren en instellingen onbedoeld ongelijkheid in stand houden. Intergenerationeel racisme betekent dat gevoelens van angst, wantrouwen en onveiligheid worden doorgegeven van ouder op kind, vaak onbewust (Karimi, 2022). Deze diepgewortelde patronen maken het extra lastig om de negatieve effecten te doorbreken.

Online discriminatie en mentale gezondheid

Met de toenemende digitalisering groeit ook het risico op online discriminatie. Onderzoek toont aan dat jongeren die online worden geconfronteerd met racistische uitlatingen vaker negatieve emoties ervaren en een verhoogd risico hebben op depressieve klachten (NJI, 2025). Cyberpesten en digitale uitsluiting versterken het trauma en de sociale isolatie.

Micro-agressies en dagelijkse ervaringen

Kinderen ervaren vaak ‘micro-agressies’ — kleine, subtiele vormen van discriminatie zoals vernedering, stereotype opmerkingen of buitensluiting — op school, in de buurt, het openbaar vervoer of binnen hulpverlening. Hoewel deze incidenten op zichzelf klein lijken, kan de optelsom ervan traumatisch zijn en een negatieve invloed hebben op het welzijn van kinderen (Taspinar, 2020).

👉Lees meer over microagressies op www.kikif.be


Wat kun je doen als onderwijsprofessional?

  • Herken signalen van racisme en discriminatie, ook de subtiele vormen.

  • Creëer een veilige en inclusieve leeromgeving waarin alle kinderen zich gewaardeerd voelen.

  • Stimuleer open gesprekken over diversiteit, racisme en inclusie met leerlingen en collega’s.

  • Werk samen met ouders en externe partners om discriminatie aan te pakken.

  • Meld incidenten van discriminatie via: www.discriminatie.nl

Nieuwkomers in de klas

Nieuwkomers zijn kinderen die gevlucht zijn uit andere landen, maar eigenlijk zijn ook arbeidsmigranten en expats ook nieuwkomers.

Veel kinderen zijn gevlucht uit oorlogsgebieden, zoals Syrië, Jemen of Oekraïne. De kinderen die oorlog meemaakten in hun eigen thuisland, kunnen (hernieuwde) last krijgen van traumatische herinneringen nu er ook in Oekraïne oorlog is. Kinderen uit oorlogsgebieden hebben ingrijpende jeugdervaringen (ACE’s) meegemaakt en kunnen getraumatiseerd zijn — maar dat hoeft niet altijd het geval te zijn.

Niet alleen kinderen uit Jemen, Afghanistan, Syrië, enz. die al langer in Nederland wonen, kunnen door de oorlog stress ervaren. Ook Nederlandse kinderen kunnen  hier last van hebben, bijvoorbeeld uit angst dat er hier oorlog komt. Houd bovendien rekening met ouders: door de oorlog kunnen zij emotionele problemen hebben, wat het thuis soms zwaar maakt.

Praat met kinderen over de oorlog en leg uit wat de gevolgen van stress zijn. Op mijn blog vind je handige tips over hoe je hierover kunt praten. www.gedragsproblemenindeklas.nl/blog. Wil je korte handige tips om nieuwkomers in je klas te ondersteunen? Klik dan hier.

Voor Oekraïense leerlingen zijn er twee gratis apps waarmee zij contact kunnen houden met hun thuisland of andere gevluchte jongeren: Svity (Світи) en Refee (рефері).

Daarnaast zijn er ook kinderen die als nieuwkomers zonder directe oorlogservaring vaak lange, gevaarlijke reizen achter de rug hebben. Ze leven in onzekerheid over hun verblijfsstatus en mogelijke verhuizingen binnen Nederland. Bovendien moeten ze wennen aan een nieuwe cultuur, terwijl hun ouders vaak geen werk hebben, wat financiële stress geeft.

Taal is belangrijk. Je communiceert er immers mee? Voor nieuwkomers is het fijn als ze hun thuistaal mogen gebruiken. Bijvoorbeeld om de instructie aan elkaar uit te leggen, maar ook om dingen te delen die niet lukken in hun nieuwe taal Taal  is een deel van je identiteit. Ontken die niet door de thuistaal te verbieden, maar gebruik de sterkte ervan. Bekijk of je als leerkracht bezig bent met een ‘rijk taal aanbod.’ Doe de test hier. (Didactief online, december 2025). Zorg voor meertalige boeken in je klas

Naast vluchtelingen zijn er ook kinderen met ouders die hier als expat of arbeidsmigrant verblijven. Voor hen is het opgroeien in een andere cultuur en onzekerheid soms ook een ingrijpende ervaring.

Trauma en breinontwikkeling

Kinderen met vroegkinderlijk trauma hebben een andere breinontwikkeling dan kinderen die veilig opgroeien (Perry, 1996, 1999, 2002, 2006, 2021; van der Kolk, 2016, 2021; Holz, et al, 2023). Op school valt vaak de slechte emotieregulatie op.

Trauma en emotieregulatie 

Als een klein kind verdrietig is, wordt het getroost door de opvoeder. Die kalmeert en laat zien dat ook ‘erge dingen’ voorbij gaan. Heftige emoties worden zo getemperd. Dit wordt coregulatie genoemd. Doordat de opvoeder het kind helpt zichzelf te reguleren, worden er in het brein neuronenpaden aangemaakt. Uiteindelijk leert het kind zichzelf reguleren. Kinderen die onveilig opgroeien, hebben problemen met regulatie van emoties.

Zelfregulatie

Zelfregulatie (het vermogen om je emoties en impulsen onder controle te houden) leer je dus van je opvoeders. Als een kind niet opgroeit in een veilige situatie, leert het dit niet en zijn er letterlijk nog geen verbindingen in de hersenen aangemaakt die kunnen zorgen voor zelfregulatie (Shanker, 2020; Conkbayir, 2023; Desautels, 2024). Het kind kan zichzelf niet reguleren omdat de fysieke mogelijkheid ervoor niet aanwezig is. Dit heeft ook invloed op de leerprestaties (Perry, 2016, 2024). 

Het lijkt soms of een kind zich niet wil gedragen. Uitspraken als: ‘Hij wil het maar niet leren’ of ‘Hij maakt van kleine dingen een enorm drama.’ kunnen dan het gevolg zijn, terwijl het kind letterlijk het vermogen tot zelfregulatie mist. De leerkracht kan voorlopig optreden als coregulator.

Zie deze Video van Harvard University

 Leerkracht als coregulator

Gelukkig is die zelfregulatie alsnog aan te leren. Dat kost echter veel tijd en veel herhaling. Wat er voor nodig is om dit te leren is een kalme leerkracht (de coregulator) en een veilige klassen- of schoolomgeving. De rol van de leerkracht als coregulator is enorm belangrijk! (Horeweg, 2024).

Een klein stukje over de rol van een traumasensitieve leerkracht vind je als je op de videostill uit de E-learning Traumasensitief lesgeven van Augeo Foundation klikt.

Trauma en ontwikkeling: wat zie je in de klas

Kort gezegd kunnen kinderen problemen ontwikkelen op het gebied van emotieregulatie. Ook werken hun executieve functies vaak minder goed.  Zo hebben ze een slechter werkgeheugen en moeite om de aandacht bij het werk te houden. Het leren is lastiger en ook omgaan met anderen is vaak lastig. Op school kan het gedrag van deze kinderen leiden tot het idee dat men te maken heeft met kinderen die ADHD of ODD hebben.

Hyperactief, opstandig, teruggetrokken gedrag

Deze kinderen vertonen nogal eens hyperactief en opstandig gedrag, hebben vaker ruzie met klasgenoten of de leerkracht, durven geen (vriendschaps)relaties aan te gaan, zijn sneller boos dan andere kinderen, hebben hun aandacht niet bij de les, onthouden de lesstof niet en lijken weinig gemotiveerd om te leren (Horeweg, 2018, 2020, 2023, 2024).

Maskerend gedrag

Er zijn ook kinderen die teruggetrokken gedrag vertonen. Zij vallen niet op en worden meestal over het hoofd gezien, maar lijden aan evenveel stress als de  kinderen met druk en opstandig gedrag (Horeweg, 2018, 2024). Deze kinderen maskeren wat ze echt voelen. Daarmee ‘willen’ ze de afkeuring (en soms afstraffing) van volwassenen vermijden en goedkeuring verdienen. Dit kost veel energie!

Meedoen met onze Masterclass trauma  in Utrecht? Doe mee op 14-01-2026 (VOL) of 27-05-2026
"masterclass trauma januari en mei 2026 door Horeweg

 

De Window of Tolerance – het effect van stress op het kind

De Window of Tolerance (in het Nederlands: venster van verduren) is een goed model om te begrijpen wat stress met mensen doet — en vooral met kinderen. Het model onderscheidt drie soorten stress:

  • Positieve stress: kortdurende stress die motiveert en tot betere prestaties leidt.

  • Verdraagzame stress: tijdelijke stress die je aankunt, zeker met steun van een volwassene.

  • Toxische stress: langdurige, intense stress zonder steun. Dit type stress is schadelijk voor lichaam en brein.

Niet alle stress is slecht. Integendeel: positieve stress maakt je alert en helpt je soms beter presteren. Maar als stress langdurig aanhoudt, zoals bij kindermishandeling of onveilig opgroeien, spreken we van toxische stress. Die beschadigt de ontwikkeling van het kind, zowel lichamelijk als mentaal. Zie ook deze video van Harvard University.


Een hyperactief stress-systeem

Kinderen die opgroeien in een onveilige omgeving ontwikkelen vaak een hyperalert stress-systeem. Dit betekent dat hun brein continu op scherp staat en heftiger reageert op prikkels dan bij kinderen die opgroeien in een veilige, voorspelbare omgeving. Deze kinderen schieten sneller in een overlevingsstand: vechten, vluchten of bevriezen.


Fight, flight of freeze: overlevingsgedrag bij stress

Wanneer een kind in een toestand van hyperarousal komt, is het stresssysteem overactief. Het kind komt dan in de bekende toestand van:

  • Fight (vechten)

  • Flight (vluchten)

  • Freeze (bevriezen of verstijven)

  • Fawn (extreem meegaand, ‘pleasen’)

Bij aanhoudende stress wordt het Window of Tolerance smaller. Het kind komt dan sneller buiten zijn of haar raampje van verduren. In sommige gevallen raakt het in hypoarousal — een toestand van totale terugtrekking of ‘shutdown’. In dat moment lijkt het alsof het kind nergens meer op reageert. De stress is dan zó groot, dat het systeem tijdelijk uitschakelt.


Brein en trauma – waarom leren soms niet lukt

Hoewel het brein geen drie strikt gescheiden delen kent, helpt een vereenvoudigd schema om de reacties bij trauma te begrijpen. Het laat zien waarom leren soms letterlijk niet lukt als een kind zich onveilig voelt:

  1. De hersenstam
    Regelt basisfuncties als ademhaling en hartslag. Zorgt ook voor de snelle overlevingsreactie (fight, flight, freeze).

  2. Het limbisch systeem
    Met als kern de amygdala, die emotie koppelt aan ervaringen. De amygdala scant voortdurend op gevaar en generaliseert snel. Iets dat lijkt op eerder gevaar wordt direct als bedreigend gezien.

  3. De cortex
    Het traagste deel van het brein, maar ook het meest ontwikkeld. Hier vinden redeneren, logisch denken en leren plaats.
    Bij stress wordt de werking van de cortex echter deels onderdrukt. Dit betekent dat kinderen in stress letterlijk minder goed gesproken taal begrijpen. In de klas lijkt het alsof ze niet luisteren — terwijl hun brein eigenlijk in een overlevingsmodus staat.


🧠 Wil je leren hoe je kinderen helpt bij stress en trauma?
Volg de ééndaagse Masterclass of de 3-daagse training Traumasensitief Onderwijs met Anton Horeweg & Ingrid van Essen en ontdek hoe je:
✅ signalen van toxische stress herkent;
✅ leerlingen helpt binnen hun venster van verduren te blijven;

✅ van grote betekenis kunt zijn als betrouwbare, steunende volwassene;
✅ zorgt voor rust en veiligheid in je klas.

👉 Bekijk de training

Window of Tolerance door Anton Horeweg

 

 

Trauma: Wat zie je in de klas?

Wanneer een kind thuis langdurig stress of onveiligheid ervaart, raakt het brein hyperalert. De amygdala – de ‘alarminstallatie’ van het brein – slaat alarm bij elk signaal van mogelijk gevaar. Zelfs als dat gevaar er op dat moment objectief niet is.

Triggers in de klas

Triggers zijn gebeurtenissen of situaties die het kind onbewust doen denken aan eerdere traumatische ervaringen. Voorbeeld: als een kind thuis wordt uitgescholden of geslagen wanneer een volwassene zijn stem verheft, zal het kind in de klas op dezelfde manier reageren wanneer jij je stem verheft – ook al ben je niet boos of dreigend. Het brein herkent ‘gevaar’ en schakelt razendsnel over naar een fight-, flight- of freeze-reactie.


Fight, flight, freeze en dissociatie of fawn in de klas

Kinderen laten verschillende vormen van overlevingsgedrag zien. Enkele veelvoorkomende reacties:

  • Fight: boos worden, schreeuwen, slaan, schoppen, spullen kapotmaken of gooien.

  • Flight: vluchten uit de klas, onder een tafel kruipen, oogcontact vermijden.

  • Active freeze: het kind lijkt zich gelaten over te geven, maar is innerlijk op zoek naar een uitweg.

  • Passive freeze (shutdown of dissociatie): het kind reageert nergens meer op. Het brein trekt zich volledig terug.

  • Pleasing/submission/fawn: het kind stelt zich willoos op of probeert het iedereen naar de zin te maken.

Naast deze reacties kan een kind ook dissociëren.


Dissociatie: de stille vorm van overleven

Als vechten of vluchten geen optie is, komen sommige kinderen terecht in de onderste zone van het Window of Tolerance-model: dissociatie.
Er zijn verschillende vormen:

  • Volledige dissociatie: het kind ‘is er niet meer bij’ en herinnert zich niets van de gebeurtenis.

  • Gedeeltelijke dissociatie: het kind maakt de gebeurtenis wel mee, maar voelt geen emoties of pijn.

Dissociatie

Kinderen kunnen vaak niet vechten of vluchten en komen dan in de onderste zone uit het schema: ze dissociëren. Dat kan volledige dissociatie zijn: ze herinneren zich dan niets van de gebeurtenissen. Ze kunnen ook gedeeltelijk dissociëren. Ze maken de gebeurtenis wel mee, maar voelen geen emoties of pijn. Misbruikte kinderen vertellen soms dat ze ‘zichzelf van een afstandje zagen’ tijdens het misbruik. Veelvuldig dissociëren kan leiden tot DIS (dissociatieve identiteitsstoornis). Deze stoornis is nog vrij onbekend, maar komt veelvuldig voor bij kinderen die op zeer jonge leeftijd misbruikt zijn. Lees hier meer over DIS en andere vormen van dissociatie  of lees over Trauma en DIS.

Al deze vormen van overlevingsgedrag zijn normaal gedrag!

Overlevingsgedrag is geen onwil

Kinderen in een overlevingsstand reageren niet vanuit de cortex (waar redeneren en logisch denken zit), maar vanuit de hersenstam en het limbisch systeem. Dat betekent:

  • Het kind doet of zegt dingen die het in een veilige situatie nooit zou doen.

  • Jouw boze gezicht, geïrriteerde stem of gespannen lichaamshouding kan al voldoende zijn om een nieuwe stressreactie uit te lokken.

  • Leren is op zo’n moment onmogelijk (Conkbayir, 2023; Perry, 2020).


Trauma en leren

Bij chronische stress blokkeert het brein letterlijk de leerfunctie. Daarom is het essentieel om je lessen zo in te richten dat je veel ondersteuning en voorspelbaarheid biedt.
Een goede leidraad hierbij is het denken vanuit kinderen met zwakkere executieve functies. Wil je hiermee als team aan de slag? Kijk dan op:
👉 Gedrag en executieve functies – trainingen voor het onderwijs


De onzichtbare koffer

Een krachtige metafoor van Coppens (2021) is die van de onzichtbare koffer:
Elk kind draagt overtuigingen met zich mee, gevormd door eerdere ervaringen. Bij getraumatiseerde kinderen zit die koffer vaak vol met overtuigingen als:

  • “Ik ben niets waard.”

  • “Ik hoor er niet bij.”

  • “Volwassenen zijn onbetrouwbaar.”

De taak van leerkrachten en docenten is om die overtuigingen stap voor stap te vervangen door nieuwe, positieve ervaringen. Je vult als het ware de koffer opnieuw.


Gedrag begrijpen via de cognitieve driehoek

Kinderen met trauma reageren vaak op manieren die zij zelf ook niet begrijpen.
Je ziet in de klas gedragingen zoals:

  • plotselinge woede-uitbarstingen

  • angstig of hyperactief gedrag

  • controle willen houden

  • sociaal terugtrekken

Via de cognitieve driehoek (gedachte – gevoel – gedrag) kun je samen met het kind proberen te begrijpen waar dat gedrag vandaan komt.
Voor onderbouwleerkrachten (groep 1-2) is dit vaak vanzelfsprekend, maar verderop in de basisschool wordt het minder toegepast. Terwijl juist deze aanpak kinderen helpt zelfinzicht en regie te ontwikkelen. Zie ook: Horeweg, 2024.

Secundair trauma

Het mag duidelijk zijn dat werken aan een traumasensitieve school veel kan vergen van het team en van individuele leerkrachten. Je kunt dit alleen voor elkaar krijgen als je team echt een team is, waar leerkrachten ook oog en zorg hebben voor elkaar. Let op secundair trauma bij leerkrachten. Traumasensitief lesgeven is niet makkelijk. Het mag ook duidelijk zijn dat de ondersteuning van deze groep kinderen een langdurige ondersteuning moet zijn.

Masterclass, lezing of studiedag (deel): De traumasensitieve school

Wil je als individu, team of schooltraject aan de slag met traumasensitief onderwijs? Kies de vorm die past bij jouw situatie:


Masterclass Trauma (open inschrijving)

Een verdiepende masterclass over trauma met Anton Horeweg & Ingrid van Essen. We bekijken stress, emotieregulatie, gedrag en leren in de klas en we bekijken de invloed van de systemen waarin het kind opgroeit. Kleine groep, veel interactie, wetenschappelijk onderbouwd én praktisch toepasbaar.
Locatie: Quinton House, Utrecht-centrum
Data:

  • Volgende 14-01-2026 en 27 mei 2026.

👉 Meer informatie en inschrijven.


Lezing: ACE’s, trauma, gedrag en leren

Een interactieve lezing over ingrijpende jeugdervaringen (ACE’s), de impact op hersenontwikkeling, gedrag en leren in de klas.
Spreker: Anton Horeweg
Duur: 1 tot 2 uur (ook inzetbaar als onderdeel van een studiedag of conferentie)

Vraag de lezing aan via het contactformulier

Studiedag: De traumasensitieve school

Samen met collega-trainer Ingrid van Essen biedt Anton Horeweg een praktische studiedag die je team een stevige basis geeft in traumasensitief onderwijs.

  • De nieuwste inzichten over trauma en stress

  • Concrete handvatten voor in de klas

  • Inspiratie en teamgerichte reflectie

 Ideaal als startpunt voor een schoolbrede aanpak.


Traject: Naar een traumasensitieve school

Wil je echt doorpakken als school? In dit maatwerktraject bouwen we samen aan een traumasensitieve schoolcultuur.

  • Voor teams én schoolleiding

  • Van kennisopbouw tot praktisch handelen

  • Met ruimte voor cultuurverandering, draagvlak en borging

Trainers: Anton Horeweg en Ingrid van Essen. Beiden met decennia ervaring in onderwijs én begeleiding.

Neem contact op voor een vrijblijvende kennismaking via het contactformulier.

Podcasts over trauma met Anton Horeweg

Trauma, hechting en veiligheid in het onderwijs, Orly Polak & Anton Horeweg. Beluister.

Podcast trauma en talent, Alliantie Kansengelijkheid. Beluister

Podcast trauma bij Ziemij, Veerle Segers, Vlaanderen. Beluister.

Podcast traumasensitieve school bij Onderwijspraat.nl. Beluister.

Podcast De traumasensitieve school. Anton Horeweg bij Tjipcast. Beluister.

Podcast Het nut van traumasensitief onderwijs. Anton Horeweg bij Hartgedragen onderwijs. Beluister.

Podcast Anton Horeweg bij Een intense reis (Marije Hofland) over schooltrauma. Beluister.

Opname Anton Horeweg voor Week tegen kindermishandeling (51 stemmen voor het kind). Bekijk.

Theater voorstellingen over kindermishandeling

Er zijn voorstellingen over kindermishandeling en andere ACE’s om met je klas heen te gaan. Bij die voorstellingen hoort bijna altijd een lesbrief om je te helpen deze lastige onderwerpen te bespreken in je klas.

  • Nachtuil (info);
  • Griezelgeheim (info);
  • Schildje-experience (info).

Handige websites over trauma

Onderstaande websites zijn gelinkt aan de traumasensitieve school van Anton Horeweg.

Onze LinkedIngroep De traumasensitieve school Kom erbij en wissel ervaringen uit met andere leraren.

www.hulpbijkindermishandeling.nl Gemaakt door Anton Horeweg. Hier kunnen kinderen zelf informatie vinden over kindermishandeling. Geschreven in kindertaal.

www.kindzoekthulp.nl Gemaakt door Anton Horeweg. Over problemen waar kinderen mee te maken kunnen krijgen. Langdurig ziek zijn, langdurig zieke ouder, hoogbegaafd en problemen op school, ouder in de gevangenis, enz. Geschreven in kindertaal.

If you like to read in English, there are now several articles about trauma and education on: www.traumainformedthoughts.com. You will also find traumainformed texts of Nikki Nooteboom (trauma psychologist) and international authors.

Andere handige websites:

Prentenboeken en AVI-boekjes in twee talen. Lappabooks 

Lesideeën ISK (Carolijn Leisink)

Cultuurtolk

Global Tolk: voor scholen met nieuwkomers. Nu via het Lowan gereduceerd tarief om tolken in te huren! (vanaf december 2024).

Oudervereniging Balans: pagina schooltrauma (Horeweg, 2023).

Beeldverhaal Opvoeden en stress. Voor ouders. In 7 talen te downloaden.

www.schildje.nl  Een lespakket voor groep 1, 2, 3.

Samentijd.nl Praktisch aan de slag om je klas ook veiliger te maken voor kinderen die getraumatiseerd zijn of hechtingsproblemen hebben.

DIS en andere vormen van dissociatie.

rakevragen.nl Welke vragen stel je wel of niet?

www.centrumseksueelgeweld.nl

www.vooreenveiligthuis.nl 

www.augeo.nl

Jongerentaskforce-Augeo

Team-Kim

www.metzonderouders Over KOPP-kinderen.

Wolkenkaarten.nl  Voor een gesprek met KOPP/KOV kinderen om te kijken wat zij nodig hebben.

Wat je als leraar fout kunt doen bij kinderen in armoede. SIRE-Campagne.

Wat kun je doen in de klas? Kijken met een traumabril

Een traumasensitieve leerkracht kijkt met een traumabril naar gedrag. Dat betekent: je probeert te begrijpen waar het gedrag vandaan komt, zonder het kind af te wijzen of te veroordelen. Maar: gedrag wordt wel begrensd.


Traumasensitief begrenzen: veiligheid door duidelijkheid

Kijken met een traumabril betekent niet dat je alles goedvindt of laat gaan. Integendeel: juist kinderen met trauma hebben duidelijke grenzen nodig om zich veilig te voelen.

Als leerkracht geef je dus duidelijke grenzen aan en je bent coregulator: een kalme, voorspelbare volwassene die rust en betrouwbaarheid uitstraalt. Daarmee geef je het kind de kans om:

  • te herstellen,

  • weer te geloven dat het er mag zijn,

  • en te ervaren dat volwassenen niet allemaal gevaarlijk zijn. (Horeweg, 2018, 2024)


Structuur en routines: ‘Zo doen wij het hier’

Voor getraumatiseerde kinderen betekent onduidelijkheid: onveiligheid. Structuur, voorspelbaarheid en routines zijn dus essentieel. Denk aan:

  • schoolbrede gedragsafspraken: “Zo doen wij het hier”

  • routines bij binnenkomst, kring, toilet, opruimen, enz.

  • uitleggen, herhalen én oefenen van deze routines

Lees de LinkedIn-post  van Anton Horeweg over ‘Duidelijk is veilig.’

Wil je hier als team mee aan de slag? Kijk dan naar de training: 👉 Schoolbrede aanpak gedrag


Psycho-educatie bij kindermishandeling: geef kinderen woorden

Kinderen helpen door te praten over wat normaal is. Wanneer zij leren wat seksueel geweld of mishandeling is, herkennen ze eerder dat wat hen overkomt niet oké is. Dat maakt onthulling en hulp mogelijk.

Uit onderzoek blijkt: kinderen die horen wat seksueel geweld is, gaan eerder over tot onthulling (Bicanic, 2020, 2025; Hoefnagels, 2021).

Ook psycho-educatie over stress en trauma helpt. Een krachtig hulpmiddel is de Breinbijsluiter voor kinderen – een tool ontwikkeld om kinderen inzicht te geven in wat stress met hun brein doet.


Kindermishandeling bespreekbaar maken: doorbreek het taboe

Door te praten over ingrijpende jeugdervaringen (ACE’s) haal je het onderwerp uit de taboesfeer. Je verlaagt de drempel op disclosure (onthulling). Je geeft kinderen de boodschap:

  • Het is niet jouw schuld

  • Het mag niet gebeuren

  • Je bent niet de enige

Deze erkenning vergroot veerkracht en kan de eerste stap zijn richting herstel. (Mol, 2017; Horeweg, 2018, 2021, 2022, 2024; Van Gemert, 2019).

Materialen die je kunt gebruiken voor bespreken kindermishandeling in de klas: Schildje (voor groep 1, 2 en 3); Dit is een verschrikkelijk boek met een gouden boodschap (voor groep 7 en 8); Niet jouw schuld! voor vo en mbo.

Veerkracht ontwikkelen bij kinderen

Veerkracht is het vermogen om met tegenslagen om te gaan. Het ontwikkelt zich in contact met anderen, en is dus geen vaste eigenschap, maar iets wat je kunt versterken.
Op school kun je actief bijdragen aan het ontwikkelen of herstellen van veerkracht. Dit doe je onder meer door:

  • kinderen te leren omgaan met matige stress,

  • hen in contact te brengen met steunende klasgenoten,

  • en ze bewust te maken van hun eigen hulpbronnen.

Veerkracht ontwikkelen helpt ook bij het leren!


Expressievakken: muziek, dans, drama en spel

Steeds meer onderzoek toont aan dat samen muziek maken, zingen en ritme (bijv. bodypercussie) bijdragen aan een gevoel van veiligheid (van der Kolk, 2021).  Zie bijvoorbeeld dit rapport: Zelf muziek maken en zingen zijn essentieel voor ons gevoel van veiligheid.”

Extra voordeel: zingen stimuleert ook de taalontwikkeling (Bothof, 2024).

Ook andere creatieve expressievakken zijn waardevol. Ze helpen kinderen emoties beelden te verwerken (van der Kolk, 2022, 2025). Denk aan:

  • dans,

  • drama,

  • tekenen en schilderen

Sociaal en emotioneel leren (SEL): fundament voor veerkracht

Structureel aandacht voor sociaal-emotioneel leren (SEL) is cruciaal voor het versterken van veerkracht.
SEL bestaat uit vijf onderdelen, waarvan vooral deze twee essentieel zijn voor kinderen met trauma:

  • Zelfbesef

  • Zelfregulatie

Het begint bij de vraag: Wat voel ik eigenlijk in mijn lijf?
Kinderen moeten leren lichamelijke signalen te herkennen, begrijpen wat ze betekenen, en er woorden aan geven. Voor getraumatiseerde kinderen is dit vaak lastig: ze vermijden juist de lichamelijke sensaties omdat die emoties oproepen. Het aanleren van emotietaal en lichaamsbewustzijn is dan ook essentieel (Schmidtz, 2023; Ireton, 2024).

 Praktische hulpmiddelen hiervoor vind je op:👉 Inbalanzopschool.nl – downloads

Time-in en safeplaces

In je klas of in je school kun je gebruik maken van de time-in en van safeplaces. Een time-in moet je jezelf voorstellen als eenleeshoekachtig hoekje in de klas. Een beetje afgeschermd en voorzien van een bonenzitzak, een schommelstoel een paar kussens, een verzwaringsdeken of (verzwaarde) knuffels, enz. Hier kunnen kinderen tot rust komen en eventuele emoties laten zakken. Een safeplace is een soortgelijke plek, maar dan buiten het lokaal. Beide zijn beslist niet bedoeld als strafplek. Ernaar toe mogen wordt goed aangeleerd: het is geen ontsnapplek van je schoolwerk.

.

Talentgesprekken

Een interventie die je kunt gebruiken zijn zogenaamde talentgesprekken (Dewulff & Pronk, 2018). Dit zijn gesprekken met kinderen over bezigheden waar ze blij van worden en energie krijgen. Het praten over en denken aan dingen waar je blij van wordt, zorgt voor veerkracht (Bron in Iedereen Talent).

Multicultureel, divers, inclusief : iedereen is welkom

Traumasensitief onderwijs is goed voor alle kinderen. We moeten dan ook zorgen dat zij zich thuis voelen. Wat nieuwkomers betreft is het goed om materialen ook inclusief te maken. dus niet alleen ‘witte’ poppen in de speelhoek bijvoorbeeld. Op cargoconfetti.be vind je veel inclusieve materialen, van boeken in veel talen tot kleurpotloden in een veelheid van huidkleuren. Ook op Nik-Nak en Lappa vind je meertalige boeken en andere materialen in meer tal

Literatuur

Andere boeken over gedrag, didactiek en schoolontwikkeling

Akkermans, M., Derksen, E., Moons, E., Wingen, M., & Kloosterman, R. (2023). Prevalentiemonitor Huiselijk Geweld en Seksueel Grensoverschrijdend gedrag, 2022.

Bertele, N., & Talmon, A. (2023). Sibling sexual abuse: A review of empirical studies in the field. Trauma, Violence, & Abuse, 24(2), 420-428. https://doi.org/10.1177/15248380211030244

Bothof, E. (2024). Zingen helpt bij taalontwikkeling: en helemaal bij kinderen met dyslexie. NPO Radio1, 29 januari 2024. Beluister.

Conkbayir, M. (2023). The Neuroscience of the Developing Child. Self-Regulation for Wellbeing and a Sustainable Future. London: Routledge.

Crouch, E., Radcliff, E., Hung, P., & Bennett, K. (2019). Challenges to school success and the role of adverse childhood experiences. Academic Pediatrics19(8), 899–907. https://doi.org/10.1016/j.acap.2019.08.006.

Dana, D. (2020). De polyvagaal theorie in therapie. Uitgeverij Mens!

Desautels, L. (2024). Connections Over Compliance: Rewiring Our Perceptions of Discipline. Wyatt-MacKenzie Publishing.

Diversion (2025). Omgaan met discriminatie in de klas.

Feldman Barret, L. (2020). People’s words and actions can actually shape your brain — a neuroscientist explains how. Ideas.Ted.com

Forbes, H.T. (2013). Help for Billy. A Beyond Consequences Approach to Helping Children in the Classroom. Beyond Consequences Institute.

Garrido, E. F., Weiler, L. M., & Taussig, H. N. (2018). Adverse childhood experiences and health-risk behaviors in vulnerable early adolescents. The Journal of Early Adolescence38(5), 661–680. https://doi.org/10.1177/0272431616687671.

Guio, A. C., & Van Lancker, W. (2023). Deprivatie bij kinderen in België en zijn gewesten: wat zeggen de nieuwe data?. Via https://lirias.kuleuven.be/4075045?limo=0

Hoefnagels, C. ,  Onrust, S. , van Rooijen, M. , Jonkman, H. , van Spanje-Hennes, A. & Breeman, L. D. (2021). Changing the classroom climate to lower the threshold for child abuse and neglect self-disclosure: a non-randomized cluster controlled trial, Children and Youth Services Review (2021), doi: https://doi.org/10.1016/j.childyouth.2021.106196

Holz, N.E., Zabihi, M., Kia, S.M. et al. A stable and replicable neural signature of lifespan adversity in the adult brain. National Neuroscience (2023). https://doi.org/10.1038/s41593-023-01410-8

Horeweg, A. (2025). Traumasensitief werken met het jonge kind. Een veilige omgeving voor peuters en kleuters in opvang en onderwijs. LannooCampus.

Horeweg, A. (juli 2024). De traumasensitieve school. Anders kijken naar gedrag. Geheel herziene en uitgebreide versie. 4e druk sept. 2025. Leuven: Lannoocampus.

Horeweg, A. (2022). Niet jouw schuld!’ Dit is een boek met een gouden boodschap. Huizen: Pica. Kindermishandeling, seksueel misbruik, sexting, sextorsion, grooming, loverboys bespreken (voortgezet onderwijs/mbo): 

Horeweg, A. (2022). Praten over de oorlog in Oekraïne. Hoe doe je dat? Gedragsproblemenindeklas.blogspot.com

Horeweg, A. (2021). Schooltrauma, bestaat dat wel?  Podcast.

Horeweg, A. (2021). Praten over kindermishandeling. Een complete les. JSW, november 2021. 

Horeweg, A. (2021). Weet je wel wat je losmaakt? Waarom je kindermishandeling moet bespreken op school. JSW Online, november 2021.

Horeweg, A. (2021). Hoe maak je een traumasensitieve school tijdens de coronapandemie? Rotterdam: RVKO.

Horeweg, A. (2020). Dit is een verschrikkelijk  boek met een gouden boodschap. Huizen: Pica. Kindermishandeling en andere aces bespreken in de klas.

Horeweg, A. (2019). Kinderen met psychotrauma, Zorgprimair, februari 2019, 14-16.

Horeweg, A. (2019). Schoolbrede aandacht voor het getraumatiseerde kind. Beter Begeleiden, september 2018, 40-43.

Horeweg, A. (2018). De toekomst van een getraumatiseerd kind bestaat uit de komende 15 seconden. Blik op hulp, mei 2018.

Horeweg, A. (2018). De traumasensitieve school. Anders kijken naar gedragsproblemen in de klas. 4de oplage Tielt: Lannoocampus.

Ireton, R., Hughes, A., & Klabunde, M. (2024). An FMRI Meta-Analysis of Childhood Trauma. Biological Psychiatry: Cognitive Neuroscience and Neuroimaging.

Van IJzerdoorn, M. & Bakermans-Kranenburg, M. (2010). Gehechtheid en trauma. Deventer: Hogrefe.

Katz, E. (2016). Beyond the physical incident model: How children living with domestic violence are harmed by and resist regimes of coercive control. Child Abuse Review, 25(1), 46–59. https://doi.org/10.1002/car.2422

Karimi, F. (2022). Hoe behandel je het trauma van racisme? One World.

van der Kolk, B. (2022). Traumasporen in lichaam, brein en geest. Eeserveen: Uitgeverij Mens.

van der Kolk, B. (2021). Neuroscience and the Frontiers of Traumatreatment. Online cursus via uitgeverij Mens!

Lindauer, R. (2018). Hulp bij trauma in de kindertijd. Houten: Lannoocampus.

Maasland, L., Schuring, M., van den Herik, D.  & Borste, M. (2024). Na seksueel grensoverschrijdend gedrag tussen kinderen in hun gezin. Universiteit Utrecht

Maesen, T. (2024). Rapport Uitzonderlijk Hoog Begaafd in het onderwijs. December 2024. Bekijk

Mani, A. , Mullanaithan, S. Shafir, E. & Zhao, J. (2013). Poverty Impedes Cognitive Function, Science 30 Aug 2013,Vol. 341, Issue 6149, pp. 976-980. DOI: 10.1126/science.1238041

Marsman, A. (2021). Beyond dis-ease and dis-order: Exploring the long-lasting impact of childhood adversity in relation to mental health. Dissertatie, Maastricht University.

Mercera, G., Vervoort-Schel, J., Offerman, E. et al. Prevalence of Adverse Childhood Experiences in Adolescents with Special Educational and Care Needs in the Netherlands: A Case-File Study of Three Special Educational and Care Settings. Journal of Child & Adolescent Trauma (2024). https://doi.org/10.1007/s40653-024-00613-w

Mol, P. (2017). Een stille leerling in je klas. De leraar als betekenisvolle andere bij kindermishandeling. Houten: LannooCampus.

Movisie: Kindermishandeling. De impact van corona. via movisie.nl, verkregen op 23-04-2021.

Noteboom, A. , ten Have M. , de Graaf, R. , Beekman, A.T. F. , Penninx,  B. J. W. H. , Lamers, F. (2021). The long-lasting impact of childhood trauma on adult chronic physical disorders, Journal of Psychiatric Research, Volume 136, April 2021, Pages 87-94.

Van Oudheusden, H. (2018). Teaching refugee children. A hero’s journey. New York: Apollo Books.

Perry, B. & Szalawitz, M. (2020). De jongen die opgroeide als hond. En andere verhalen uit het dagboek van een kinderpsychiater. Schiedam: Scriptum.

Perry, B. & Winfrey, O. (2021). Wat is jou overkomen? Gesprekken over trauma, veerkracht en herstel. Antwerpen: Spectrum.

Platinck, S. (2023). Hulpzoekend gedrag en psychosociaal welzijn van slachtoffers van siblinggeweld. Masterthesis, Universiteit van Gent.

Ratcliff, S., Finlay, K., Papp, J., Kearns, M. C., Niolon, P. H., & Peterson, C. (2025). Adverse Childhood Experiences: Increased Likelihood Of Socioeconomic Disadvantages For Young Adults: Article examines socioeconomic disadvantages for young adults who had experienced adverse childhood experiences. Health Affairs44(1), 108-116.

Schäfer, J. L., McLaughlin, K. A., Manfro, G. G., Pan, P., Rohde, L. A., Miguel, E. C., & Salum, G. A. (2022). Threat and deprivation are associated with distinct aspects of cognition, emotional processing, and psychopathology in children and adolescents. Developmental Science, e13267. https://doi.org/10.1111/desc.13267.

Schijvens, N. (2023). Schildje de Schildpad. Over een schildpad die het thuis niet zo fijn heeft. Stichting Groeiveilig (verwacht oktober 2023). 

Schippers, M. (2017). Kinderen gevlucht en alleen. Een interculturele visie op de begeleiding van alleenstaande gevluchte kinderen. Utrecht: Nidos.

Schmitz, M., Back, S. N., Seitz, K. I., Harbrecht, N. K., Streckert, L., Schulz, A., … & Bertsch, K. (2023). The impact of traumatic childhood experiences on interoception: disregarding one’s own body. Borderline Personality Disorder and Emotion Dysregulation10(1), 5.

Schneijderberg, M . & Kregten, C. van (2021). Lesgeven aan getraumatiseerde kinderen. Een praktisch handboek voor leerkrachten in het basisonderwijs. Amsterdam: Swp.

Shanker, S. & Barker, T. (2016). Zelfregulatie bij kinderen. Antwerpen: Spectrum.

Siegel, D. (1999). The Developing Mind: Toward a Neurobiology of Interpersonal Experience. New York: Guilford Press, 1999.

Struik, A. (2021). Slapende honden? Wakker maken! Een behandelmethode voor chronisch getraumatiseerde kinderen. Amsterdam: Pearson.

Swedo, E. A. (2024). Adverse Childhood Experiences and Health Conditions and Risk Behaviors Among High School Students—Youth Risk Behavior Survey, United States, 2023. MMWR supplements73.

Taspinar, B. (2021). Racisme laat bij elk slachtoffer een wonde achter. Sociaal.net

Vermeulen, S., van Berkel, S. & Alink, L. (2021). Rapport Kindermishandeling tijdens de eerste lockdown. Universiteit Leiden.

Wassink-De Stigter, R., Offerman, E., Asselman, M. et al. Trainen voor traumasensitief onderwijs. Kind Adolescent Praktijk 20, 24–31 (2021). https://doi.org/10.1007/s12454-021-0676-2.

Webster, E. M. (2022). The Impact of Adverse Childhood Experiences on Health and Development in Young Children. Global Pediatric Health9https://doi.org/10.1177/2333794X221078708.

Window of Tolerance in het Oekraïens. (YouTube)